Lokale ontstekingen. Ontstekingen, gepaard met plaatselijk gezwollen klieren.Infecties, vergezeld van lichte ontsteking van hersenvlies, bindvlies en keelholte (farynx).
Geneesmiddel voor het lymfevatenstelsel, vooral elke vorm van keelontsteking. Amandelontsteking, middenoorontsteking,bindvliesontsteking, ontsteking van de neusholte en van de tandwortels. Klierontsteking. Artritis. Lymfklierontsteking, lymfvatenontsteking, flegmoneuze ontstekingen, abcessen, fijt, furunkels (steenpuisten) en karbonkels (o.m. negenogen).
Wijzigt de constitutie bij chronische catarrale slijmvliesontsteking, adenoïde vegetatie, exsudatieve diathese.