Farmaline Logo

Kies uw taal

Winnaar Webshop Awards Belgium 2019-2020 in de categorie Health & Wellness

Of gebruik ons contactformulier voor persoonlijk advies.

Levering in België

  • Levering aan huis - Gratis vanaf € 29
    Gratis levering vanaf € 29 aan huis of op kantoor met bpost of DPD.
  • Levering via een afhaalpunt - Gratis vanaf € 29
    Gratis levering vanaf € 29 in meer dan 3.000 afhaalpunten.

Cholesterol


Overzicht

Wat is cholesterol? Wat zijn de symptomen en gevolgen?
Wat veroorzaakt hoge cholesterol? Hoe wordt een te hoog cholesterolgehalte behandeld?
Hoe wordt een te hoog cholesterolgehalte vastgesteld? Wat kan je zelf doen om je cholesterol te verlagen?

 

 


Samenvatting

Cholesterol is een belangrijk bestanddeel van onze lichaamscellen en is de voorloper van vele hormonen, vitaminen en galzuren. Je lichaam is in staat om het cholesterolgehalte naar behoefte te reguleren, ongeacht of het nu door het lichaam zelf wordt aangemaakt of samen met dierlijke voedingsmiddelen wordt ingenomen. Soms leidt een aangeboren vetstofwisselingsstoornis of een ongezonde levensstijl echter tot een te hoog gehalte aan LDL-cholesterol. Deze kan samen met de goede cholesterol (HDL) en de totale cholesterol gemeten worden in het bloed. Een verhoogd cholesterolgehalte heeft meestal gevolgen voor de gezondheid, zoals bijvoorbeeld aderverkalking. 

 

 

Wat is cholesterol?

Elke cel in het menselijk lichaam is afhankelijk van cholesterol. Deze vetachtige stof is namelijk het hoofdbestanddeel van onze celmembranen, de laag die elke cel scheidt van haar omgeving. Tegelijkertijd is cholesterol ook de voorloper van veel hormonen, zoals vitamine D, dat belangrijk is voor de botstofwisseling, of galzuren, die belangrijk zijn voor de vetvertering. Wij krijgen cholesterol binnen via ons voedsel, maar de lichaamscellen, vooral de levercellen, produceren het ook zelf in grote hoeveelheden. Elke lichaamscel regelt haar eigen cholesterolvoorraad. Dit betekent dat je lichaam meer cholesterol produceert, wanneer het weinig cholesterol uit je voeding heeft kunnen halen. Het tegenovergestelde gebeurt wanneer je genoeg cholesterol hebt opgenomen uit je voeding: dan daalt de lichaamseigen cholesterolproductie. Bij mensen die permanent te veel cholesterol binnenkrijgen, wordt dit proces verstoord en blijft het cholesterolgehalte in het bloed stijgen.

Cholesterol is niet oplosbaar in water (hydrofoob) en kan dus op zichzelf niet vervoerd worden in het bloed. Daarom vervormt cholesterol zich met behulp van vetten (lipiden), trigliceriden en eiwitten (proteïnen) tot een bolvormig transportdeeltje. Er zijn twee van die zogenaamde lipoproteïnen (vetten en eiwitten) die samenwerken om de cholesterol te vervoeren:

  • HDL-cholesterol is een transportdeeltje met hoge dichtheid (HDL = High Density Lipoprotein). HDL-cholesterol is dus rijk aan triglyceriden en heeft als taak om de cholesterol van de lichaamscellen naar de lever te transporteren, waar het vervolgens wordt afgebroken. HDL-cholesterol beschermt de wanden van de bloedvaten tegen vaatverkalking (aderverkalking) door het verwijderen van cholesterol dat daar reeds is opgeslagen. Daarom wordt het vaak "goede cholesterol" genoemd.
  • LDL-cholesterol is een lipoproteïne met lage dichtheid ("low density lipoproteins"). Hoewel deze cholesteroltransporter vaak "slechte cholesterol" wordt genoemd, heeft hij net zo'n belangrijke functie als HDL-cholesterol. LDL transporteert cholesterol namelijk van de lever naar de lichaamscellen. Daar is het dan beschikbaar voor de opbouw van het celmembraan en voor de productie van verschillende hormonen.

 

 

Wat veroorzaakt hoge cholesterol?

Over het algemeen wordt de cholesterolaanmaak en -opname perfect gebalanceerd. Zo wordt er geen cholesterol aangemaakt als er genoeg is opgenomen, en stopt de opname als er genoeg is aangemaakt door het lichaam. Dit betekent dat de LDL-deeltjes hun lading cholesterol niet meer kwijt kunnen wanneer de cellen genoeg cholesterol hebben gekregen. Die lading wordt dan in het bloed “geloosd”, waardoor het cholesterolgehalte stijgt. Zodra een bepaald gehalte in het bloed is bereikt, remt de lever de productie van cholesterol.

Als het LDL-cholesterolgehalte echter blijft stijgen, wil dat zeggen dat dit mechanisme niet meer optimaal werkt. Het teveel aan cholesterol hoopt zich dan op aan de wanden van de bloedvaten en veroorzaakt zo aderverkalking. Dit leidt vaak tot secundaire ziekten zoals stoornissen van de bloedsomloop, hartaanvallen of beroertes.

Er zijn verschillende redenen waarom het cholesterolgehalte kan stijgen. Onze levensstijl heeft een grote invloed op de cholesterol in ons bloed. De grootste boosdoeners zijn: 

  • ongezonde voeding
  • gebrek aan beweging
  • overgewicht
  • leeftijd
  • roken

Een te hoge calorie-inname met veel verzadigde vetzuren, zoals die voorkomen in dierlijke vetten zoals boter, in combinatie met weinig lichaamsbeweging leidt op elke leeftijd tot zwaarlijvigheid en dus ook tot een verhoogd cholesterolgehalte. In dit geval spreken artsen van "verworven hypercholesterolaemie".

Daarnaast kan er ook een genetische oorzaak zijn, zoals bijvoorbeeld een defect in de LDL-receptor. Getroffen mensen missen de receptorstructuur voor het LDL-deeltje, waardoor die zijn cholesterollading niet aan de cel kan afgeven. Daardoor ontstaat er hypercholesterolaemie. Mensen met dit genetisch defect kunnen reeds in hun kinderjaren lijden aan aderverkalking en bloedsomloopstoornissen, hartaanvallen of beroertes.

Ten slotte zijn er ook een aantal ziekten die een verhoogd cholesterolgehalte kunnen veroorzaken:

  • Diabetes mellitus (suikerziekte)
  • Hypothyreoïdie (onderactieve schildklier)
  • Bepaalde lever- en nierziekten
  • Hoge bloeddruk (hypertensie)
  • Aangeboren vetstofwisselingsstoornissen

 

 

Hoe wordt een te hoog cholesterolgehalte vastgesteld?

De arts bepaalt het cholesterolgehalte door middel van een bloedafname. Dit gebeurt gewoonlijk wanneer de patiënt nog niets gegeten heeft, d.w.z. wanneer hij/zij nuchter is. Dit is belangrijk omdat vet via je voedsel in het bloed terechtkomt en zo de bloedwaarden kan beïnvloeden.

Een normaal cholesterolgehalte bedraagt minder dan 200 mg/dl. Het zegt echter nog niets over de hoeveelheid "slechte" LDL- en "goede" HDL-cholesterol. Volgens Europese richtlijnen is het optimale LDL-cholesterolgehalte minder dan 115 mg/dl, zolang er geen andere risicofactoren voor hart- en vaatziekten zijn. Indien er bij de patiënt risicofactoren aanwezig zijn, zoals een voorgeschiedenis van hartinfarcten of vaatziekten, dan is een LDL-waarde van minder dan 70 mg/dl optimaal.

Het HDL-cholesterolgehalte zou idealiter hoger moeten zijn dan 40 mg/dl bij mannen en hoger dan 45 mg/dl bij vrouwen. Deze waarden zijn echter richtwaarden. Het individuele streefdoel wordt gewoonlijk door een arts vastgelegd op basis van je persoonlijke gezondheidssituatie.

 

 

Wat zijn de symptomen en gevolgen van een te hoog cholesterolgehalte?

Als de lichaamscellen de afgeleverde LDL-cholesterol niet kunnen absorberen, stapelt het zich op in het bloed. Hierdoor ontstaat er een ophoping van cholesterol aan de wanden van de bloedvaten. Die hoop "verstijft" na verloop van tijd en wordt minder flexibel. Dat veroorzaakt arteriosclerose, gekenmerkt door zijn typische afzetting (plaques), dat na verloop van tijd de bloedvaten vernauwt en de bloeddruk verhoogt. Zolang de vernauwing voortduurt, is er een slechte doorbloeding in weefsels en organen, overal in het lichaam. Zo kunnen, bijvoorbeeld, de bekkenslagaders vernauwd worden, waardoor mannen een erectiestoornis kunnen krijgen. Daarnaast kan een slechte doorbloeding als gevolg van een te hoge cholesterol ook leiden tot visuele stoornissen, oorsuizingen, duizeligheid en vergeetachtigheid.

In ernstige gevallen, kan die slechte doorbloeding ook zelfs perifeer arterieel occlusief lijden (PAVD) veroorzaken. Dit is een pijnlijke aandoening, waarbij slagaders in de armen of benen, of andere ledematen die ver van het hart liggen, verstopt raken. Dat leidt tot hevige pijn bij het lopen, die in rust onmiddellijk verdwijnt, ook wel gekend als etalageziekte. Wanneer een of meerdere kransslagaders geblokkeerd raken bij coronaire hartziekten (CHD), krijgt de hartspier te weinig bloed toegevoerd. In dat geval kan er pijn op de borst optreden bij lichamelijke inspanning (angina pectoris) of zelfs hartinsufficiëntie ontstaan.

Daarbovenop kunnen de bloedplaatjes ook beginnen klonteren en het bloedvat volledig blokkeren, waardoor je een trombose (bloedklonter) krijgt. Afhankelijk van welke slagader is aangetast, kan dit leiden tot diep-veneuze trombose (DVT), een hartaanval of een beroerte. Als de plaatjes van de bloedvaatwand afbreken en zo in een kleiner bloedvat blijven steken, veroorzaken zij een embolie (bv. een longembolie).

 

 

Hoe wordt een te hoog cholesterolgehalte behandeld?

Als je een te hoge LDL-cholesterolwaarde hebt, is het belangrijk dat te verlagen om het risico op hart- en vaatziekten te verminderen. Tegelijkertijd is het belangrijk om de HDL-cholesterolgehalte te doen stijgen, zodat het overtollige cholesterol terug naar de lever wordt getransporteerd en afgebroken.

Vooraleer je arts geneesmiddelen voorschrijft om een verhoogd cholesterolgehalte te behandelen, word je in eerste instantie geadviseerd om de waarden te normaliseren door je voedings- en leefgewoonten te veranderen. Dat betekent in essentie een evenwichtige voeding met weinig vet, minder calorieën en voldoende lichaamsbeweging. Bovendien moet je stoppen met roken en je lichaamsgewicht normaliseren. Indien deze maatregelen niet volstaan om het cholesterolgehalte te verlagen, kan je arts cholesterolverlagende geneesmiddelen voorschrijven:

  • Statines zorgen er, bijvoorbeeld, voor dat het lichaam minder cholesterol aanmaakt. Aangezien cholesterol echter zeer belangrijk is voor de lichaamscellen, nemen deze alleen het teveel aan LDL-cholesterol uit het bloed op - zodra er in de cel weer behoefte aan is - waardoor het LDL-gehalte daalt.
  • Fibraten voorkomen op hun beurt dat de lever triglyceriden aanmaakt, die deel uitmaken van het cholesteroltransportdeeltje. Op die manier kan de cholesterol dus niet opgenomen worden in het bloed.

Cholesterolverlagende geneesmiddelen kunnen ook helpen als de betrokkene lijdt aan een aangeboren vetstofwisselingsstoornis of als het cholesterolgehalte niet daalt ondanks aangepaste eetgewoonten en een gezonde levensstijl. Niettemin zijn cholesterolverlagende geneesmiddelen slechts een ondersteunende maatregel die - net als andere geneesmiddelen - bijwerkingen hebben en enkel op advies van je arts ingenomen mogen worden. Om te vermijden dat je de rest van je leven medicatie moet nemen of om de dosis van de medicatie zo laag mogelijk te houden, zijn een gezonde voeding en levensstijl onontbeerlijk. 

 

 

Wat kan je zelf doen om je cholesterol te verlagen?

Om het cholesterolgehalte zonder medicijnen te helpen verlagen en tegelijkertijd het verhoogde risico op hart- en vaatziekten te verminderen, kan je zelf de volgende maatregelen nemen:

  • Niet roken: Dit neemt een risicofactor weg en verhoogt het "goede" HDL-cholesterol.
  • Veel bewegen: Sporten zoals joggen, fietsen en zwemmen, maar ook wandelen zijn bijzonder geschikt. Lichamelijke activiteit verhoogt het HDL-niveau.
  • Gezond voedingspatroon: Alleen dierlijke voedingsmiddelen bevatten cholesterol en verzadigde vetzuren, die het cholesterolgehalte verhogen. Dit betekent echter niet dat dierlijke voedingsmiddelen in het algemeen moeten worden vermeden. Geschikte voedingsmiddelen zijn mager rund- of kalfsvlees of wild, worst met een vetgehalte van minder dan 20 procent, aspic, magere zuivelproducten met 1,5 procent vet in melk of maximaal 20 procent vet in de droge stof in kaas, diverse soorten brood en vis, alsmede groenten, fruit en peulvruchten. Gebakken producten en desserts kunnen ook met een verhoogd cholesterolgehalte worden gegeten, op voorwaarde dat ze zijn bereid met magere melk, zonder eigeel en met plantaardige vetten van hoge kwaliteit, zoals olijf- of zonnebloemolie.
  • Gezond lichaamsgewicht: In het algemeen moet je echter niet meer calorieën eten dan je verbruikt, om overgewicht te voorkomen.